Previous
Next
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6

 

De wandtapijten van Oudenaarde

 

Oudenaarde genoot eeuwenlang wereldfaam om zijn wandtapijten. In de zestiende eeuw, de gouden jaren, werkte meer dan de helft van de bevolking in de tapijtindustrie. Vooral hun verdures, groentapijten met prachtige landschappen, waren gegeerd.

...............................................................................................................................................................


Het MOU zoomt in op een zestiende-eeuws wandtapijt dat ooit aan Alexander Farnese cadeau is gedaan. Via twaalf draaiende prisma's kun je zelf de details uitvergroten. Fragment na fragment geeft het kunstwerk zijn geheimen prijs. Nooit eerder zag je een wandtapijt op die manier.
Wie de smaak te pakken heeft, kan een verdieping hoger de indrukwekkende Bovenlakenhalle bezoeken. Die hangt vol met originele wandtapijten, waaronder verschillende verdures.

...............................................................................................................................................................

 

In Oudenaarde ontwikkelde de tapijtweverij zich vanaf de laatste decennia van de 14de eeuw samen met de linnennijverheid en naast de draperie. Deze industrie gaf aan Oudenaarde een interregionale en zelfs internationale uitstraling. Oudenaarde werd een van de belangrijkste wandtapijtencentra in Vlaanderen, naast Arras (F), Doornik, Brussel, Gent en Brugge. De Oudenaardse wandtapijten vonden dan ook een groot afzetgebied: zij werden uitgevoerd over heel West-Europa.

 

De oudste archiefvermelding van de tapijtweefkunst in Oudenaarde gaat terug tot 1368. Toch kwam het ambacht pas tot bloei in de vijftiende eeuw: een stichtingsoorkonde van de ambachtsgilde van Sint Barbara (1441) maakt melding van de vereniging van tapijtwevers.

In de zestiende eeuw bereikte de Oudenaardse wandtapijtproductie haar hoogste peil. In deze periode werd zeer kwaliteitsvol werk geleverd, met een grote verscheidenheid en in grote hoeveelheden.

De stad ging dan ook vrij snel over tot de afkondiging van de generale ordonnantie van Karel V op de tapijtweverij (16 mei 1544) waarbij o.m. de zorg voor de kwaliteit centraal stond. Vanaf dan was het ook verplicht een stadsmerk en een gedeponeerd weversteken in de rand van de wandtapijten te weven, waardoor hun herkomst onomstotelijk vaststaat.

De oudste bewaarde wandtapijten dateren uit de eerste helft van de zestiende eeuw.

 

In het begin van de 17de eeuw, als gevolg van de godsdiensttroebelen, verlieten vele Oudenaardse wevers de stad om zich in het buitenland te vestigen; ook na de restauratie van het Spaanse regime bleef de heropbloei van de Oudenaardse wandtapijtennijverheid uit. Toch wijzen documenten erop dat er nog een aanzienlijke hoeveelheid wandtapijten werd geproduceerd. Vanaf deze periode echter werden steeds minder vaak stadsmerken ingeweven, wat het aantal wandtapijten verkleint die met zekerheid aan Oudenaarde kunnen worden toegeschreven.
In Oudenaarde weefde men wandtapijten tot op het einde van de 18de eeuw, al nam het aantal tapijthandelaars gestaag af en ondervond de stad concurrentie van Frankrijk te wijten aan de veranderde smaak en mode.

 

 

© MOU Museum Oudenaarde en de Vlaamse Ardennen - design Digital Cordon Bleu