Margaretha van Parma (1522-1586)

landvoogdes der Nederlanden

 

Margaretha van Parma door de lens van Stephan Vanfleteren

 

In het jaar 1521 logeert de nog ongetrouwde keizer Karel V in Oudenaarde, terwijl hij Doornik belegert. De Oudenaardse rederijker Mathijs de Casteleyn dichtte er zijn “Baladen van Doornijcke” over. Karel V logeert in het Bourgondisch kasteel te Oudenaarde. Zijn gastheer is Karel de Lalaing, de gouverneur van Oudenaarde. Een kamermeisje van de Lalaing, Johanna van der Gheynst, trekt de aandacht van Karel V tijdens een van de feesten.


Negen maanden later bevalt Johanna aan het Spei te Pamele van een dochter, Margaretha. Karel V erkent na zeven jaar zijn onechte dochter en huwt haar tweemaal uit aan de familie van de paus. Ze wordt Margaretha Van Parma genoemd door haar tweede huwelijk met de hertog van Parma, Ottavio Farnese.

Haar hele leven lang is ze een pion in de geopolitieke spelletjes van haar vader.


Margaretha wordt tijdens de godsdiensttroebelen naar de Nederlanden (1559-1567) gestuurd als landvoogdes waar zij een bemiddelaarsrol op zich neemt.
Als moegestreden vrouw keert zij naar Italië terug naar haar zoon. Haar zoon Alexander wordt aangesteld om de Nederlanden te heroveren voor de Spaanse kroon. Margaretha sterft ontgoocheld en verbitterd na een dramatische en smartelijke doodstrijd.

 

 

hoogtepunt van de wandtapijtindustrie in de 16de eeuw

In de zestiende eeuw bereikte de Oudenaardse wandtapijtproductie haar hoogste peil. In deze periode werd zeer kwaliteitsvol werk geleverd, met een grote verscheidenheid en in grote hoeveelheden. De oudste bewaarde wandtapijten dateren uit de eerste helft van de zestiende eeuw.

 

wandtapijt: Alexander voor de hogepriester

 

“Alexander voor de hogepriester” is geweven tussen 1580-1590, en maakt deel uit van een reeks van drie wandtapijten over het leven van Alexander de Grote.

 

 

© MOU Museum Oudenaarde en de Vlaamse Ardennen - design Digital Cordon Bleu